Aangeenbrug.org

Digitale plek van
Lennart, Willeke, Yoëlle en Lars
over ons leven & werken & kerken
in en rond Well (gld)

Scholieren protesteren massaal tegen een teveel aan lesuren. Drie punten waarom ik nou eens vind dat ze dit keer niet het recht hebben (ondanks de goede punten in hun protest) om te protesteren.

  1. Ze vinden 1040 uren teveel. Maar wacht eens? Officieel horen scholieren 1067 uren les te krijgen. Maar door tekort aan leraren wordt dat aantal niet gehaald. Met andere woorden: ze worden al gematst.
  2. Aan het niveau van de grammatica te zien, mogen ze van mij zeker nog meer uren krijgen. Zelf ben ik geen grammatica-wonder (alle officiële stukken van mijn hand worden eerst door Willeke gelezen), en ik - zelfs ik - vind het niveau van rondgestuurde mails, websites en oproepen (zoals op hyves) om te protesteren abonimabel slecht. Droevig slecht. Erg droevig slecht. Ksst! Ga terug naar de schoolbanken koters!
  3. De tijd die ze kwijt zijn met protesteren, moet sowieso (en niet zowiezo! Sowieso is een Duits woord) ingehaald worden omdat ze anders geen examen kunnen doen. Per saldo zijn ze inmiddels meer uren kwijt dan waarvoor ze protesteren!

De laatste weken ben ik niet echt aanspreekbaar geweest. Bijna niet gewerkt, amper wat in het huishouden gedaan (sorry schat!) en heel wat taken en klussen laten liggen. De reden? Een van de zwaardere tentamens binnen de opleiding diende zich aan. Voor de niet-verder lezers een sneakpreview: ik heb 'm gehaald!

Het vak wat ik gehaald heb, is "Leer van de kerk", vaak foutief bestempeld maar algemeen geaccepteerd als "Dogmatiek". Onder studenten wordt dit vak met zeer grote vreze gevreesd, omdat je veel, erg veel stof moet doorwerken, kennis zult moeten krijgen van constructies en opvattingen en tussen de wirwar van modellen je ook nog eens een eigen coherent model mag formuleren en stand houden.

Eerder schreef ik al dat ik 'mijn moeder aller tentamens, Hebreeuws' had gehaald. Dit was echter een tentamen wat specifiek voor mij moeilijk was en niet voor zo'n grote groep studenten gelijk. De bottleneck bij Hebreeuws zat hem vooral in de hoeveelheid en toepasbaarheid van de grammatica. Nu, bij dit vak was er een zeer grote groep studenten die het tentamen moeilijk vind. Ook onder oud-studenten en zelfs docenten heeft het tentamen een mythische status ... het gaat niet alleen om de hoeveelheid (kwantiteit) maar ook om het feit dat je kwalitatief precies weet waar het over gaat.

Dit had ik nodig voor het tentamen: Boek 1 had 200 pagina's, wat resulteerde in 20 A4 handgeschreven aantekeningen. 14 A3 vellen met vergelijkingen tussen 2 boeken (eigenlijk hadden het er 30 moeten zijn, maar de tijd was op). De bewuste 2 boeken hadden 110 en 170 pagina's in petto. 26 A4 college-aantekeningen. O ja, en een reader. Maar dat waren slechts een paar tiental pagina's om te leren ;-)

Ik wil wat meer over het vak Dogmatiek (jawel ik noem het vak ook zo ;-) en mijn commentaar daarover vertellen. Dat  ga ik op 3 manieren doen. Dit omdat ik weet dat er mensen met verschillende achtergronden meelezen op deze blog en ik dan op deze manier niet van alles door elkaar ga gooien:

  • Eerst wat voor de niet kerkelijke lezer
  • Dan voor de kerkelijke lezer
  • Om af te sluiten met wat woorden voor theologen

(waarmee niet gezegd is dat je niet alle drie mag lezen ;-)

Hallo, niet-kerkelijke lezer
Een veelgehoorde opmerking is deze: "Dogmatiek of kerkleer, is dat nou nodig? Het gaat toch om de praktijk!" Het zou triest zijn als ik zou zeggen dat het inderdaad niet nodig is. Een goede doordenking waar we het over hebben in de kerk behoor ik, als aankomend dominee, zeker te doen. De vraag is wel of ik jou daarmee zichtbaar ga bemoeien. Dit tentamen (en de cursus) ging over het fileren van de meest eenvoudige kwestie's tot op het bot. Dat is gewoon nodig, anders kun je er niet goed over praten. In een discussie over het geloof zoals bijvoorbeeld het wel of niet bestaan van God mag je van mij verwachten dat ik de weg weet, helderheid verschaf en tegengestelde standpunten kan begrijpen en uitleggen. Net zoals je van een koerier verwacht dat hij een pakje van A naar B brengt.

Neem nou de stelling "Als God alles weet en Hij ziet het kwaad in deze wereld, waarom doet Hij er dan niets aan? Als je namelijk iets ziet gebeuren en je doet niets dan ben je er ook verantwoordelijk voor". Logische vraag of niet? Nee, hij is niet logisch want er lopen hier verschillende thema's door elkaar: de macht van God, het kwaad in de wereld en de vraag wie er verantwoordelijk voor is. Kijk, dat is al een eerste stap om anders naar deze vraag te kijken (let wel, ik pretendeer hier niet dat ik zomaar even het vraagstuk van al het kwaad in de wereld oplos!).

Vragen mag in het Christendom. Waarom is dit er of waarom gebeurt dit. Daarom is het nodig goed en scherp te kunnen vragen. Het vak Dogmatiek helpt hierbij.
Het mogen vragen over het leven is uniek in het Christendom. Andere religie's hebben dit niet. Oorzaak hiervan is, dat het unieke van het Christendom hierin schuilt dat het in de eerste instantie niet gaat om een beschrijving hoe de werkelijkheid in elkaar zit, maar om een relatie met een persoonlijke God.

Hallo, kerkelijke lezer
Het thema waar we in de cursus vooral mee aan de slag zijn gegaan is de gereformeerde theologie. Nu kom ik van gereformeerde huize (Gereformeerde bond binnen de PKN. Gereformeerd is binnen de theologie een breed begrip en slaat niet alleen op de gereformeerde kerken). Nu hebben wij theologisch gezien een rijke traditie binnen de kerk die teruggaat tot de begintijd van de kerk. Alles wat we doen en laten binnen de kerk is gevormd door die 2000 jaar geschiedenis. Je zou dan verwachten dat deze 2000 jaar geschiedenis een goede theologie heeft opgeleverd.

Niets is minder waar, kwam ik al lerende achter. Wat is er aan de hand? De werkwijze om theologie te beoefenen hebben we in eerste instantie afgekeken van Plato & Aristoteles. En die waren - het zal u niet verbazen! - niet christelijk. Dat kon ook niet, want ze leefden jaren voor Christus. Hun werkwijze was dat ze als het ware gingen zitten en nadenken. Hun systeem (hoe de wereld in elkaar zit) is dus al denkende, deductief met een mooi woord, tot stand gekomen. Vele theologen zijn in dit spoor gegaan. De klassieke Godsleer, waarop de Gereformeerde theologie gebaseerd is, is er eentje van abstractie en modellering. Vanuit de abstractie is men gaan denken richting de Bijbel (de beweging is van algemeen naar bijzonder), terwijl het juist andersom moet! In de Bijbel gaat het in de eerste plaats om de ontmoeting en verwachting met een persoonlijke God. Niet voor niets zegt God tegen Mozes zijn naam.

Als je de abstractie doorvoert, dan wordt jij als gelovige 'beheerder van de leer'. Je weet namelijk hoe het zit, je hebt een mooi model gebouwd van de werkelijkheid. Dit levert veel fouten en verkeerde opvattingen op! Maar zo niet in de Bijbel en zo mag het niet zijn in de kerk! Het gaat om de ontmoeting met de levende God! En dan pas, in en vanuit die ontmoeting, kun je wat gaan zeggen over de werkelijkheid. Net zoals je pas iets van iemand kunt gaan zeggen als je met hem of haar praat. Tegelijk weet je altijd dat hoewel je iets over iemand zegt, je dat altijd relatief tot de persoon moet nemen. Er spelen binnen een persoon meerdere factoren mee. Als we het op aarde al niet in ons hoofd halen om op een persoon een compleet uitgedacht en gedistileerd model toe te passen (Jan is zus-en-zo en zo zal hij altijd zijn), waarom doen we dat dan wel met de Persoon JHWH?

Zullen we de hele klassieke Godsleer dan maar weggooien? Nee hoor, dat zeg ik niet. Wat ik stel is dat we in de kerk anders na zullen gaan denken. Meer vanuit de ontmoeting met God zelf (het bijzondere) en van daaruit het algemene zeggen.

Hallo, theoloog
Een van de boeken die ik gelezen heb, is Miskotte. Dat zal je vast wel begrepen hebben na het lezen van bovenstaand stuk. Na een paar bladzijde's kreeg ik het vermoeden dat Miskotte in de lijn Barth praat. En ja hoor, hij blijkt een leerling van Barth te zijn (wat ik niet wist; tot voor kort kende ik de inhoud van Miskotte niet en van Barth amper). Het lezen van Miskotte was heel verfrissend. Vooral omdat vanuit de theologie van de ontmoeting veel problemen in de gereformeerde traditie opgelost worden. Zoals de predestinatie-leer.

Net zoals Calvijn (was ook een barthiaan ;-) sta ik achter de redenering dat de predestinatieleer alleen mag gaan over Gods al-werkzaamheid: sola fide zijn we gered. En over zijn al-wetendheid. Maar de predestinatieleer kan nooit wat te zeggen hebben over het tot geloof komen. Omdat de klassieke Godsleer zo erg van abstractie houdt, trekt men deze personale eigenschap van God omhoog, uit zijn verband en in een compleet (=volledig) model. Als Calvijn dit had geweten, zou hij "Nein" hebben gezegd.

Beker - Hasselaar (barthianen? in ieder geval ethische richting) hebben mij veel correcties ten opzichte van Heppe laten zien. Ik heb het deel over de Christologie bestudeerd. Beker - Hasselaar merkte op dat een theoloog die op Golgotha de verhouding God / mens gaat analyseren een theoloog is die zich op verboden terrein begeeft. Op Golgotha gaat het om de aanbidding, omdat daar gezien wordt dat en hoe God handelt in en aan de mensheid. Een paar pagina's verderop wordt heel sneaky Heppe beoordeeld op zijn analyse van God / mens op Golgotha ...

Moeite tijdens het leren heb ik vooral gehad met het verschil tussen de anhypostasie en de enhypostasie. Ik had helaas geen adequaat boek bij de hand om goed op te zoeken wat de verschillen zijn. Van Beek misschien (tips hoor ik graag!)?

O ja, mede studenten uit Utrecht: kijk eens naar de beeldresultaten van Google als je op Beker Hasselaar zoekt ... Die tweede is Beker, is dan die eerste Hasselaar?

Pagina's

Tegengekomen

zaterdag 19-04

10 tips voor atheïsten (engels)

maandag 28-10

Stella Kralt over Second Love: No second love no

woensdag 23-10

W.M. Dekker met Vrouw in het ambt. Naar een trinitarische benadering

vrijdag 15-02

Rabbijn Van de Kamp in debat met prof. Paul Cliteur over rol religie & maatschappij.

donderdag 14-02

Spugen op de paus

Laatste reacties

Twitter

Meer tweets >>